Nieuwe Detergentenverordening: dit moet je weten | Coffee-Break Webinar recap

Op 15 oktober organiseerden we ons Coffee-Break Webinar, deze keer hebben we gesproken over de nieuwe Detergenten Verordening (EU) 2026/405. In dit artikel lees je de belangrijkste punten op een rij.
Een volledig nieuwe verordening
Het is geen update van de oude Detergentenverordening (EG) 648/2004, maar een compleet nieuwe verordening met een nieuw nummer: (EU) 2026/405. Dat verschil is niet cosmetisch, de hele opzet is anders en dat merk je op vijf vlakken.
Van productcheck naar ketenfocus
De oude verordening was in de kern een productcheck: voldoet je detergent aan de eisen, ja of nee? De nieuwe verordening kijkt veel breder. Niet alleen naar het product zelf, maar ook naar wie kan aantonen dat het product voldoet, en wie die compliance checks uitvoert. Die verschuiving van focus op het product naar focus op de keten past in een bredere trend binnen de EU-wetgeving, waaronder de CLP en dus nu ook deze Detergentenverordening.
Verantwoordelijkheden door de hele keten
Waar voorheen de producent de verantwoordelijke partij was, beschrijft de nieuwe verordening de volledige keten: van fabrikant en importeur tot distributeur en verkoper. Iedere schakel krijgt specifieke verantwoordelijkheden. Complexer, maar ook transparanter.
Bewijsvoering en technische documentatie
Wat betreft bewijsvoering: onder Verordening 648/2004 ging het vooral om biodegradability-testdata van surfactanten, en die hoefde je alleen op verzoek van de wetgever te tonen. Nu wordt veel meer technische documentatie gevraagd, inclusief conformity assessments (conformiteitsbeoordelingen). Wie in de keten heeft beoordeeld of het product voldoet, hoe, en is dat gedocumenteerd? Het digitaal productpaspoort (DPP) wordt verplicht voor zowel eindproducten als surfactanten.
Informatie: DPP en digitale etikettering
Zoals je ziet verandert de informatievoorziening flink. Onder de oude wetgeving ging het voornamelijk om het etiket en de ingredient datasheets (IDS's), gericht op consumentenproducten. Nu komen daar het DPP en digitale etikettering bij, voor zowel consumenten- als professionele- als industriële producten. Zelfs voor detergenten zonder gevaarsindeling komt er op Europees niveau een database waar productinformatie gedeeld moet worden.
Handhaving en de rol van de douane
De oude verordening liet controle grotendeels over aan de lidstaat waar het product op de markt werd gebracht. De nieuwe verordening besteedt een flink deel van de wettekst aan hoe die controle straks plaatsvindt. De douane krijgt een actieve rol: het DPP wordt gekoppeld aan het douanesysteem, en zonder geldig DPP komt een product de EU niet meer in. Daarnaast introduceert de verordening de Authorised Representative (AR), een nieuwe schakel die de brug vormt tussen producent en autoriteiten.
Wat is een detergent? Een veranderende definitie
De definitie is breder geworden. Onder de oude verordening was een detergent in essentie een product bedoeld om te reinigen. De nieuwe definitie in artikel 2 van Verordening (EU) 2026/405 omvat ook producten die weefsels anders doen aanvoelen of geuren tijdens aanvullende wasprocedés en producten die het reinigen ondersteunen wanneer ze samen met een wasmiddel of vaatwasmiddel worden gebruikt.
Concreet betekent dit dat producten als wasparfums, wasparels en soortgelijke producten nu ook onder de Detergentenverordening vallen. Mogelijk gaat het zelfs nog verder: voor producten als drywash-sprays of schoendeodorant is het nog niet helemaal duidelijk of ze onder de definitie 'detergent' vallen.
Daarnaast zijn de eisen voor professionele detergenten aangescherpt. Onder de oude verordening hadden professionele producten mildere eisen. Dat verschil is grotendeels weggevallen.
Minstens zo belangrijk: niet alleen het eindproduct valt onder de verordening, maar ook de surfactanten (de oppervlakteactieve stoffen) zelf. Die hebben straks ook een DPP nodig, moeten voldoen aan conformiteitsbeoordelingen en aan alle relevante eisen in de keten.
De timeline
De verordening is op 2 maart 2026 gepubliceerd en op 22 maart 2026 in werking getreden. Dat wil zeggen: de wet geldt formeel, maar de meeste inhoudelijke eisen zijn pas van toepassing vanaf 23 september 2029.
Drie jaar klinkt als ruim, maar de wetgever moet zelf ook nog een aantal zaken uitwerken, en de industrie moet zich voorbereiden op forse veranderingen.
| Deadline | Wat? |
| 22 maart 2026 | Verordening (EU) 2026/405 in werking getreden |
| 23 september 2029 | Toepassingsdatum: bijna alle eisen worden van kracht, Verordening (EG) 648/2004 wordt ingetrokken |
| 23 september 2030 | Einde overgangsperiode voor producten die na sept. 2029 onder de oude regels in de handel zijn gebracht |
| 23 maart 2032 | Biodegradability-eisen voor folies en polymeren in folies |
| 23 maart 2034 | Biodegradability-eisen voor organische stoffen in concentraties van 10% of meer |
Er zijn ook zaken die de wetgever nog moet uitwerken: de risicobeoordeling voor micro-organismen, de regels voor digitale etikettering, de reductie van fosfor en fosforverbindingen, en de testcriteria voor de biologische afbreekbaarheid van folies en organische stoffen. Daar wachten we als industrie op.
Reken er ook niet op dat de markt tot 2029 stilzit. Bij de invoering van de nieuwe allergeneneisen begonnen grote retailers al twee jaar voor de deadline met het stellen van vragen. De verwachting is dat dit hier niet anders zal zijn.
De overgangsperiode
De overgangsregeling in artikel 36 is opvallend en eigenlijk uniek in zijn opzet.
Producten die vóór 22 september 2029 overeenkomstig de oude Verordening (EG) 648/2004 in de handel zijn gebracht, mogen voor onbepaalde tijd op de markt worden aangeboden. Dat wil zeggen: wat er vóór die datum in de distributieketen zit, mag je blijven verkopen.
Voor producten die na 22 september 2029 maar vóór 23 september 2030 in de handel worden gebracht en die nog aan de oude verordening voldoen, geldt een overgangsperiode van één jaar. Na 23 september 2030 mogen die producten niet meer op de markt worden aangeboden. Ze moeten dan zijn aangepast aan de nieuwe eisen, of uit de markt worden gehaald.
Dit is een ongebruikelijke constructie. De verwachting is dat deze opzet juist bedoeld is om grote retailers zekerheid te geven: als je het vóór september 2029 geregeld hebt, zit je goed.
Communicatie in de supply chain
Communicatie in de keten wordt cruciaal, en dan niet alleen met je directe leverancier, maar met de hele keten daarachter.
Biodegradability en carry-over stoffen
Een goed voorbeeld over de communicatie in de toeleveringsketen die intensiever zal worden is de biologische afbreekbaarheid van organische stoffen. Zodra de eisen voor deze stoffen van kracht worden, moet je van iedere component in je formulering weten of die voldoet. Dat geldt ook voor carry-over stoffen zoals in-can preservatives (conserveermiddelen): biociden die gebruikt worden om grondstoffen te conserveren en die in je eindproduct terechtkomen. Tot nu toe werd daar nauwelijks naar gekeken, maar onder de nieuwe verordening moet je precies weten welke stoffen dat zijn en in welke hoeveelheden. Die informatie moet uit de keten komen.
Hetzelfde geldt voor informatie over de biologische afbreekbaarheid van grondstoffen. En als die grondstoffen van buiten de EU komen, moet je je leveranciers uitleggen waarom je die informatie nodig hebt. Zonder die data kun je de grondstof en het eindproduct niet op de EU markt zetten.
Allergenen: los van cosmetica
De allergeneneisen zijn ook verscherpt. De allergenlijst stond voorheen gekoppeld aan de Cosmeticaverordening (EG) 1223/2009. Die koppeling is losgelaten: de allergenen staan nu specifiek in de Detergentenverordening. Er zijn bovendien allergenen bijgekomen die wel onder de detergentenwetgeving vallen maar niet onder cosmetica. Een standaard allergenenlijst gebaseerd op de Cosmeticaverordening (zoals een IFRA-lijst) volstond al niet, en dat wordt onder de nieuwe verordening alleen maar duidelijker.
Het digitaal productpaspoort
Ook het DPP speelt een rol. De informatie die je in het digitaal productpaspoort moet opnemen, raakt niet alleen de detergent zelf. Het DPP is veel breder en omvat ook informatie over verpakking en andere aspecten. Wie al bezig is met de PPWR (Packaging and Packaging Waste Regulation) weet dat communicatie in de keten over verpakkingsinformatie niet makkelijk is. Hier wordt dat niet anders.
Daarbij geldt: je directe leverancier is niet per se de producent van de grondstof. Het kan drie, vier of vijf stappen verderop zijn voordat je bij de partij komt die voldoende kennis over de stof heeft. De complexiteit van de supply chain maakt dit tot een van de grootste uitdagingen van de nieuwe verordening.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen de oude en de nieuwe Detergentenverordening?
Verordening (EG) 648/2004 was primair een productgerichte wet: voldoet het product, ja of nee? Verordening (EU) 2026/405 kijkt naar de hele keten. Iedere schakel, van fabrikant tot distributeur, krijgt specifieke verantwoordelijkheden. Daarnaast worden het digitaal productpaspoort, conformiteitsbeoordelingen en uitgebreidere biodegradability-eisen geïntroduceerd.
Wanneer moet ik voldoen aan de nieuwe Detergentenverordening?
De verordening is op 22 maart 2026 in werking getreden. De meeste inhoudelijke eisen zijn van toepassing vanaf 23 september 2029. Voor biodegradability van folies geldt 23 maart 2032, voor organische stoffen (≥10%) 23 maart 2034.
Wat verandert er aan de definitie van 'detergent'?
De definitie is breder geworden. Naast reinigingsproducten vallen nu ook producten die weefsels anders doen aanvoelen of geuren tijdens het wassen eronder, evenals producten die het reinigen ondersteunen in combinatie met een wasmiddel. Denk aan wasparfums en wasparels.
Heb ik een digitaal productpaspoort (DPP) nodig voor mijn detergent?
Ja. Vanaf 23 september 2029 is een DPP verplicht voor detergenten en voor oppervlakteactieve stoffen die rechtstreeks aan eindgebruikers worden aangeboden. Het DPP wordt ook gekoppeld aan het EU-douanesysteem.
Geldt de nieuwe verordening ook voor industriële en professionele detergenten?
Ja. Onder de oude verordening hadden professionele producten mildere eisen. Dat verschil is onder Verordening (EU) 2026/405 grotendeels weggevallen. Ook professionele en industriële detergenten moeten voldoen aan de nieuwe eisen, inclusief DPP en conformiteitsbeoordelingen.
Wat zijn carry-over preservatives en waarom zijn ze relevant?
Carry-over preservatives (of in-can preservatives/conserveermiddelen) zijn biociden die leveranciers gebruiken om grondstoffen te conserveren. Deze stoffen komen mee in je eindproduct. Onder de nieuwe verordening moet je precies weten welke stoffen dat zijn en in welke hoeveelheden, omdat ook deze stoffen aan de biodegradability-eisen moeten voldoen.
Hier blijft het niet bij
Dit artikel geeft een overzicht. In de komende maanden gaan we per onderwerp de diepte in.
We werken aan een reeks artikelen waarin we de verordening stap voor stap uiteenzetten. Denk aan de verantwoordelijkheden per schakel in de keten, product compliance en conformiteitsbeoordelingen, carry-over preservatives, allergenen, digitale etikettering, het fysieke etiket en het DPP.
Daarnaast komen we terug met meer Coffeebreak-webinars in de serie "Pop de bubbel", waarin we de belangrijkste onderdelen van de verordening uitlichten, inclusief specifieke aandacht voor producten van buiten de EU.
En in onze podcast 'The Regulatory Vibe' gaan we niet alleen de letter van de wet bespreken, maar ook de praktijk: waar loop je tegenaan, wat zijn de verwachte knelpunten, en hoe kun je je het beste voorbereiden?
Heb je vragen, dilemma's of ideeën voor onderwerpen? Laat het ons weten. We denken graag mee. En wie wil, is van harte welkom als gast in de podcast.
Neem contact op via info@devibfabriek.nl of bel 085 009 2200.




